Interview

‘De relatie tussen universiteit en industrie is in Nederland ondergesneeuwd’

Alexander Pil
Reading time: 11 minutes

Zoek in de annalen van menig Vlaams hightechbedrijf en de kans is groot dat zijn naam opduikt. Het ondernemerschap kreeg hij van zijn ouders mee aan de ontbijttafel. Toch boekte André Oosterlinck vooral successen in de academische wereld. Die schijnbare tegenstrijdigheid loopt als een rode draad door zijn carrière. Als richtinggever van het Vlaamse wetenschappelijk onderwijs hamert hij nog steeds op het industriële belang van universitair onderzoek. Geen wonder dat de industrie hem in haar armen heeft gesloten, getuige bestuursfuncties bij onder meer Agfa-Gevaert, Icos en Metris.

De façade van zijn Leuvense kantoor is weinig indrukwekkend. Achter de voordeur gaat echter een statig pand schuil vol marmeren trappen. De kamer van André Oosterlinck is zelfs een explosie van rococo met grote spiegels en gouden ornamenten. Klassiek en stijlvol. Opvallende afwezige is een pc, terwijl Oosterlinck toch contacten onderhoudt met alle hogescholen en universiteiten in de regio en bovendien een graag geziene bestuurder is in de Vlaamse hightechindustrie. Keurig geordende stapels papier op zijn vergadertafel verraden dat het toch echt zijn werkkamer is.

Oosterlinck (62) was tien jaar lang professor elektrotechniek aan de KU Leuven en daarna even zo lang rector van die universiteit. Ook buiten de academische wereld heeft hij zijn sporen verdiend. Zo is hij oprichter van Easics, Eyetronics, Icos, Medicim en QMedit. Verder heeft hij bestuursfuncties bij Agfa-Gevaert, Easics, Essensium, Icos, Imec, Leuven Research & Development (LRD), Medicim en Metris. Een imposante lijst en Oosterlinck is er dan ook trots op.

This article is exclusively available to premium members of Bits&Chips. Already a premium member? Please log in. Not yet a premium member? Become one and enjoy all the benefits.

Login

Related content