Paul van Gerven
13 December 2018

Bedrijven, kennisinstellingen, drie provincies en het rijk hebben 236 miljoen euro verzameld om verspreid over acht jaar te investeren in geïntegreerde fotonica. Vandaag zetten ze hun handtekening onder een convenant waarin hun ambities zijn vastgelegd. En die ambities zijn niet mis: na 2025 moeten minstens 25 lichtchip-bedrijven samen meer dan een miljard euro omzetten. Dat zou gepaard gaan met vierduizend banen, exclusief afgeleide werkgelegenheid.

De regie van de samenwerking ligt bij Photondelta in Eindhoven, dat de volledige keten van onderzoek naar product overziet. De fundamentele research is geconcentreerd bij de TU Eindhoven en de Universiteit Twente, en wordt overigens apart gefinancierd. Bij het Photonics Integration Technology Centre in Eindhoven werken bedrijven en onderzoekers toepassingen uit tot en met geavanceerde prototypes. De commerciële sector voor geïntegreerde fotonica werkt ten slotte samen in de Photondelta-coöperatie.

Met Europees geld is onlangs een pilotlijn voor fotonicaproductie van start gegaan. Foto: Nanolab@TUE

Nederland heeft een sterke positie in twee typen fotonische chips, elk met eigen sterktes en zwaktes en dus functies en toepassingen. In Eindhoven is voor belangrijk deel de indiumfosfide-technologie ontwikkeld, het enige materiaal waarin actieve componenten kunnen worden gemaakt. Lionix in Twente richt zich op siliciumnitride, dat een breed spectrum doorlaat met lage verliezen. Voor cmos-compatibel silicium fotonica is in Nederland weinig aandacht, wel bij Imec in Leuven.

Daarnaast heeft Nederland de koe bij de hoorns gevat in de assemblage en verpakking van de chips tot modules. Deze stap was vanwege het vele handwerk een bottleneck in de opschaling van fotonicaproductie. Zowel Technobis in Alkmaar als Phix hebben nu assemblagelijnen opgezet. Ook het in oprichting zijnde Chip Integration Technology Centre in Nijmegen gaat zich ermee bezighouden.