Henne_van_Heeren

Henne van Heeren is directeur-eigenaar van EnablingMNT.

25 March 2016

Af en toe heb ik last van verminderd vertrouwen in wetenschappelijk onderzoek. Als bij medisch onderzoek herhaalbaarheid nogal eens een moeilijk punt blijkt, waarom zou dat dan niet het geval zijn in andere disciplines? Veel tijd hebben hoogleraren niet om hun promovendi te begeleiden en er wordt veel op hypes ingezet. Soms lijkt het zelfs te schorten aan basiskennis. Is een wetenschapper uit de elektronicahoek echt de beste persoon om cellen te laten groeien? Verstrekkers van onderzoeksgeld lijken er weinig problemen mee te hebben.

Toch eindigt elk gesubsidieerd ontwikkelproject als een succes. Dit in tegenstelling tot de meeste industriële projecten. Die mislukken, lopen eindeloos uit of gaan als een nachtkaars uit.

Zijn professoren echt slimmer dan ingenieurs? Hebben ze een neus voor kansen en mogelijkheden waar managers alleen problemen zien? Moeten we maar veel belasting heffen bij bedrijven en dat aan de professoren geven die blijkbaar veel effectiever onderzoek doen? Dan moeten we ze natuurlijk wel kritisch volgen, anders kun je het geld net zo goed verbranden.

Nu heb ik toevallig veel verstand van geld verbranden. Ik heb cleanrooms gebouwd en ingericht, ik ben betrokken geweest bij de ontwikkeling en marktintroductie van een consumentenproduct. Ook volg ik de wereld van hightechstart-ups. Daarom mag ik weleens projecten beoordelen en weet ik inmiddels een beetje hoe het werkt bij de eindevaluatie van gesubsidieerde projecten.

 advertorial 

Free webinar ‘Modernizing your code base with C++20’

As many production tool chains now adopt C++20 features, the potential this brings is unlocked. What advantages can recent versions offer to your code base? In this webinar we’ll look at the great improvements C++ has gone through and how features like concepts and ranges can transform your code. Register for 2 February, 4PM.

Er zijn drie partijen betrokken bij de evaluatie: de onderzoekers, de ambtelijke subsidiegever en de onafhankelijke beoordelaar. Twee daarvan hebben er groot belang bij om tot een goed eindoordeel te komen. De onderzoeker wil geld om vervolgonderzoek te doen en de ambtenaar wil graag bij zijn baas aankomen met een succes. Maar ook de beoordelaar is niet geheel onafhankelijk. Hij wil graag vriendjes blijven, want het is een klein wereldje en morgen kunnen de rollen omgekeerd zijn.

Je begrijpt nu waarom subsidieprojecten altijd een succes zijn. Wat moeten we überhaupt met een slechte beoordeling? De onderzoeker nooit meer een onderzoek laten doen en omscholen tot schoenlapper? Geld terug laten geven? Ik denk niet dat onderzoekers daar warm voor lopen.

Zullen we de centjes dan maar aan het bedrijfsleven geven? Daar kunnen ze ook wel een paar promovendi aan het werk zetten. Laatst trok de top van een werkgeversorganisatie naar Den Haag om de politiek een miljard euro meer uit te laten trekken voor financiering van industrieel onderzoek. En, heel genereus, ze zullen er zelf ook nog een miljard bijleggen. Ook nog goed voor de werkgelegenheid, want het geld wordt voornamelijk uitgegeven aan loonkosten.

Nu maakt elke hightechwerkgever gebruik van de WBSO en op die twee miljard loonkosten legt de overheid dus nog eens een half miljard toe. Daardoor betaalt de industrie maar een half miljard en de overheid anderhalf miljard. Als de bedrijven ook nog eens doen wat ze toch al wilden doen, namelijk hun bestaande producten wat beter maken, is het een prima deal. Voor de bedrijven althans.

Nee, laten we het dan toch maar aan een professor geven. Dat kost ook wat, maar je krijgt in ruil voor je belastingcenten in elk geval een goed gevoel terug. Ze werken immers allemaal aan maatschappelijk relevante doelen. En er volgt geen naheffing, want WBSO krijgen ze niet meer. Alleen als het onderzoek toevallig iets oplevert, volgt een zogeheten innovatietraject en moet de overheid weer dokken. Dat was vroeger uitzondering, maar tegenwoordig is het verkennen van valorisatiekansen een vast onderdeel van het project. En wie zoekt, zal vinden, zeker als dat helpt bij de eindbeoordeling.