Karin Dieleman werkt voor Altran en is teamleider bij ASML.

24 May 2017

‘Agile in de echte wereld – Starten met Scrum’ is een boek dat de praktische kant van Scrum behandelt. Het geeft tips en tricks over hoe je je Scrum-proces kunt verbeteren. De titel sprak me aan omdat ik me vaak afvraag of we wel echt agile zijn, hoewel we in mijn softwaregroep een whiteboard en geeltjes gebruiken en een daily stand-up doen. Wat moet er nog verbeteren en werkt Scrum eigenlijk wel in een grote en complexe omgeving als ASML? Hoe moet je het productteam betrekken bij je ontwikkelteam? Moeten we Scrum wel gebruiken of past een andere softwareontwikkelmethodiek beter bij de organisatie? Zijn de richtlijnen niet te streng? In de artikelen en de cursus die ik heb gevolgd, had ik tot nog toe niet echt de antwoorden gevonden die ik zocht.

Het boek is een aanrader als je begint met Scrum of zeker weet dat je ermee wilt starten. Het neemt ook de lezer mee die nog niet zo goed weet wat het precies inhoudt. De gevorderde beoefenaar kan wel wat hoofdstukken overslaan. Met name de eerste paar, die uitleggen wat Scrum is en de Agile-principes bespreken. Deze hoofdstukken blijven redelijk algemeen, maar zijn wel al doorspekt met voorbeelden uit het bedrijfsleven.

Vervolgens gaat Derk-Jan de Grood in op de transitie naar Scrum, een team samenstellen en een pilotproject invoeren. Interessant vind ik de uitweiding over het te rigide vastzetten van de rollen en hoe dit leidt tot minder teamproductiviteit. Ook raadt de auteur aan Scrum gefaseerd in te voeren en aan de hand van een representatief pilotproject te kijken hoe het functioneert in de organisatie. Start niet meteen op grote schaal en gooi de organisatie niet helemaal overhoop om featureteams te maken, maar begin klein, bij de ontwikkelafdeling.

Als je Scrum gaat invoeren, gebruik sprint 0 dan niet alleen om de userstory’s op te splitsen en de backlog te detailleren, maar ook om de organisatie voor te bereiden. Probeer de stakeholders op de hoogte te brengen van de nieuwe manier van werken en bereid de teamleden voor op de nieuwe rollen. Zoek de goede tooling en bepaal wat er in de Definition of Done en Definition of Ready moet komen. Er zijn twee aparte hoofdstukken geweid aan de DOD en aan toolingdilemma’s.

BCe24 save the date

Het hoofdstuk ‘In de knel’, over een ontevreden werknemer die na de invoering van Scrum de focus verschoven zag van kwaliteit naar kwantiteit, springt eruit. Deze André heeft zijn eigen anti-Agile-manifesto samengesteld. De meest opvallende ‘waarde’ is voor mij ‘Road maps over sprint focus’. De organisatie van André heeft Scrum verkeerd ingevoerd. De mensen voelen zich er niet prettig bij, de scrummaster/lijnmanager heeft conflicterende belangen. De auteur legt uit wat er mis is gegaan. Scrum is kortcyclisch, maar niet korte termijn, stelt hij.

Verderop komen cases aan de orde waarin ik de ASML-organisatie herken: componentteams die elk hun eigen subsysteem onder hun hoede hebben en de ketentests die nodig zijn om de componentoverstijgende functionaliteit af te testen. Sommige componenten hebben zelfs nog handmatige tests. De realiteit laat zich niet altijd vangen in een vast stramien.

Het boek leest lekker en snel weg. Het is praktisch en te gebruiken als naslagwerk. Hoewel het geen kant-en-klaar recept geeft over hoe je Scrum van a tot z moet invoeren in je organisatie – dat zou een leuke toevoeging kunnen zijn – kun je je eigen recept wel samenstellen uit de tips die de verschillende hoofdstukken geven.