Anton_Duisterwinkel

Anton Duisterwinkel is businessdeveloper bij Innovationquarter.

14 September 2017

Deze zomer ben ik een enorme fan van Airbnb geworden. Niet vanwege de prijs, zo veel scheelt dat vaak niet. Wel vanwege de ruimte en privacy die je hebt op een goed gekozen adres. Maar vooral omdat je woont zoals de mensen zelf wonen in je reisland. Zo leer je een land kennen op een manier waar geen hop-on-hop-off-tour tegenop kan.

Wat ons ook erg beviel, is het recensiesysteem. Gasten en gastheren schrijven recensies over elkaar. Een gastheer kan een superhost worden door voldoende vijfsterrenrecensies te halen, snel te reageren op vragen en altijd de toegezegde reservering waar te maken. Wie een superhost kiest, komt dus niet voor verrassingen te staan. Let je niet op recente positieve recensies, dan kun je een beroerde nacht hebben, leerden we door schade en schande.

Andersom werkt het ook: wij hebben inmiddels zeven juichende recensies gekregen door te doen alsof we thuis zijn: de boel heel, schoon en netjes achterlaten, met twee woorden communiceren met de gastheer en de buren niet lastig te vallen met onnodige herrie of erger.

Want dat is soms wel een probleem. Net als elke toepassing van nieuwe technologie heeft ook Airbnb nadelen. En die moeten worden aangepakt, niet alleen met wet- en regelgeving en technologie, maar ook met gedrag en normen daarvoor.

BCe24 save the date

Neem even als voorbeeld onze heilige koe. Gebruik daarvan kan dodelijk zijn. Dat risico wordt beperkt (en niet meer dan dat) door een wetboek vol verkeersregels, door technologie zoals airbags en kreukelzones en door gedragsbeïnvloeding met bijvoorbeeld verkeersdrempels en campagnes over ritsen en het dragen van gordels. Hoewel de auto al meer dan honderd jaar oud is, worden die maatregelen nog voortdurend aangescherpt. En dat terwijl de meeste automobilisten uit zichzelf al wel veilig willen rijden. Goede wil alleen is niet genoeg.

Niet alle gebruikers van Airbnb zijn even welwillend, maar wie het recensiesysteem een beetje doorheeft, kan ze snel traceren – en dus aanpakken. Idem de veelverhuurders. Daar hoeft Airbnb geen data voor vrij te geven, want die staan al op internet.

Toch doet de organisatie er waarschijnlijk goed aan om de data vrij te geven en zelf mee te werken aan regulering. Want de kans dat er bij de bestuurders voldoende kennis is om in te zien wat er met big-datatechnologie al gewoon te doen is, is erg klein. Voor je het weet, panikeren er bestuurders en volgt er een algeheel verbod. Zie Uberpop. Onder druk van burgers die geen honderd jaar willen wachten op effectieve maatregelen.

Deze les trek ik graag breder, naar een technologie die veel meer potentie heeft en dus veel meer goed, maar ook meer kwaad kan: artificial intelligence (ai). Die technologie heeft onder meer een enorme potentie om ons gevaarlijk, monotoon en smerig werk uit handen te nemen – maar wat betekent dat voor de werkgelegenheid? Ai kan de gezondheidszorg stukken sneller, efficiënter en veiliger maken, maar ook worden gebruikt om killer robots te produceren. Snelle actie is nodig gezien de rap groeiende toepassingen – en simpelweg verbieden helpt niet als zelflerende algoritmes al per usb-stick worden gedeeld.

Maar van bestuurders mogen we in alle rede niet verwachten dat ze ai voldoende doorgronden om effectieve en realistische regels op te stellen. Daarvoor is een combinatie van zeer hoogwaardige ai-kennis, ethisch inzicht en juridisch vermogen nodig. Dat hebben we in Nederland allemaal in huis.

Er zijn meerdere initiatieven om de Nederlandse ai en robotica te stimuleren. De internationale concurrentie vanuit Azië en de VS, maar ook elders in Europa is formidabel als het alleen gaat om technologie. Maar als het gaat om veilig en verstandig toepassen, dan wordt het rap stiller in veel andere landen. Hier kunnen wij het voortouw in nemen en zo en passant laten zien wat we op ai-gebied in huis hebben. Laat de discussie over de vraag óf er regels nodig zijn achter je, en zet een eerste set aan regels neer. Daar zal nog honderd jaar aan geschaafd en gevijld moeten worden, maar iemand moet ergens beginnen.