Hector Timmers is manager van het kenniscentrum ARN Advisory, dat werkt aan innovaties in hergebruik en recycling van autowrakken en -accu’s.

19 sep 2013

De elektrische auto is in Nederland bezig aan een opmars. Deze zomer berichtte de overheid dat we de grens van tienduizend volelektrische voertuigen en plug-inhybrides hebben bereikt. Dit aantal zal nog voor het einde van het jaar alweer verdubbeld zijn door de komst van een nieuwe generatie plug-inhybrides die volop profiteert van de fiscale voordelen die er in Nederland te behalen zijn voor deze wagens.

Alleen maar goed nieuws, zou je zeggen, want de elektrische auto komt toch op de Nederlandse wegen omdat hij zo goed is voor het milieu? Veelgeprezen is de besparing op CO2-uitstoot dankzij de grote propulsieaccu. Maar wat gebeurt er eigenlijk met die accu als de elektrische auto aan het einde van zijn leven komt?

Volgens de wet moet elke accu uit een autowrak worden gedemonteerd en gerecycled, omdat het gevaarlijk afval is. Bij elektrische wagens gaat het echter niet om een startaccu van vijftien kilo, maar om exemplaren die vaak meer dan het tienvoudige wegen. Bovendien zijn het hoogvoltagebatterijen, en daar gelden allerlei veiligheidsvoorschriften voor. Het is dus belangrijk dat we hierover goede afspraken maken; de accu uit een elektrische auto vereist veilige demontage, inzameling, opslag en verwerking bij goed opgeleide en gespecialiseerde bedrijven.

Lithiumhoudende batterijen hebben echter nog een probleem: de verwerking ervan brengt op dit moment hoge kosten met zich mee. Dit in tegenstelling tot startaccu‘s en eerste generatie hybride accu‘s, die dankzij de metaalwaarde van respectievelijk lood en nikkel/kobalt juist geld opleveren bij recycling. Helaas hebben deze typen accu‘s niet de vereiste energiedichtheid voor een volelektrische auto of plug-inhybride. Nu heeft afval dat geen geld oplevert maar juist geld kost de neiging om naar het laagste putje te stromen en dan op plekken terecht te komen waar je het niet wilt hebben. Onze wetgeving is er juist op gebaseerd om het milieu hiertegen te beschermen.

Wat gebeurt er dan met zo‘n accu waar niemand voor wil betalen en waar iedereen vanaf wil? Je wilt niet dat iemand hem als aggregaat gaat gebruiken in zijn vakantie- of tuinhuisje. Want zo‘n hoogvoltageaccu is een kleine chemische fabriek die in de afdankfase mogelijk aan stabiliteit en dus veiligheid heeft ingeboet; hij wordt immers niet voor niets afgedankt. Een dergelijke ongewenste eindbestemming zou letterlijk een explosieve afloop kunnen hebben.

Hoe voorkom je dit? Het antwoord is makkelijker gegeven dan voor elkaar gekregen: zorg dat de afgedankte accu wél een positieve restwaarde heeft. Een optie zou zijn om hem na een grondige gezondheidscheck, die veiligheid en restcapaciteit uitgebreid in kaart brengt, een tweede leven te geven in toepassingen die minder veeleisend zijn maar waar de batterij veilig én economisch te vervangen is. Bijvoorbeeld voor de opslag van zonne-energie in huishoudens. Dit klinkt eenvoudig; in de praktijk zitten hier nog wel de nodige haken en ogen aan.

Voordat we écht kunnen zeggen ’goed op weg voor mens en milieu‘ moeten we ook de problemen kunnen oplossen ná afloop van een goed leven op de weg.