Paul van Gerven
5 May 2011

De kogel is door de kerk: Intel gaat zijn 22-nanometerprocessoren maken van Trigate-transistoren. Trigate is de benaming die de chipgigant gebruikt voor Finfets, niet-planaire transistorstructuren die al jaren worden genoemd als opvolger van conventioneel CMos, dat op toekomstige knooppunten te veel gaat ’lekken‘. De productie van de ’3D‘ Finfets vormde echter een obstakel. Intel is de eerste die zegt de productieproblemen overwonnen te hebben en claimt dat de oplossing slechts een paar procent duurder is dan conventioneel CMos.

Vergeleken met zijn 32-nanometerchips claimt de processorgigant een performancewinst van 37 procent voor de Ivy Bridge-processoren, of dezelfde prestaties bij een energieverbruik dat de helft lager ligt. De chips verschijnen in de tweede helft van volgend jaar op de markt.

Intel 22nm_Transistor
In Intels Trigate-structuur vouwen een tot drie (in deze opname drie) gates om verticale ’vinnen‘ (de dunnere lijnen).

De aankondiging van de nieuwe productgeneratie ging, zoals gebruikelijk bij Intel, gepaard met een flinke dosis spin, bedoeld om het bedrijf neer te zetten als dé innovator in de halfgeleiderwereld. ’Intel vindt transistor opnieuw uit met nieuwe 3D-structuur‘, luidde de kop van het persbericht. Ook was het pr-event zorgvuldig voorbereid: bobo‘s van het bedrijf, onder wie CEO Paul Otellini zelf, hintten al maanden op ’revolutionaire‘ ontwikkelingen die in het verschiet zouden liggen.

Komisch is dat verschillende, vooral mainstream media zich lieten misleiden door het 3D-element in het persbericht. Vanzelfsprekend is vlak CMos niet helemaal vlak; hooguit zou je Finfets ’driedimensionaler‘ kunnen noemen, vanwege de verticaal opstaande ’vinnen‘ die als kanaal dienen. De term ’3D‘ is in de chipsfeer bovendien doorgaans gereserveerd voor gestapelde chiplagen die via directe verbindingen met elkaar zijn verbonden.

In Bits&Chips 7 meer over Intels aankondiging. Deze editie verschijnt op 3 juni.