BC Column Guus Frericks 215px

Guus Frericks is oprichter van Hightechxl.

7 December 2016

Guus Frericks is oprichter van Hightechxl.

Wat geweldig dat de rijke geschiedenis van het Philips Natlab is vastgelegd in een boek, ‘Natlab – Kraamkamer van ASML, NXP en de cd’. Op dit historische fundament bouwt een arsenaal aan bedrijven vandaag de dag voort, in Eindhoven maar ook ver daarbuiten. Toch maken de schrijvers van dit boek, Paul van Gerven en René Raaijmakers, een cruciale denkfout door te concluderen dat met het verdwijnen van het Natlab in de toenmalige vorm we ook geen revolutionaire doorbraken meer hoeven te verwachten uit Nederland. En dat we daarvoor naar gerenommeerde instituten in het buitenland zouden moeten kijken. De wereld kijkt naar innovaties uit Nederland. Waarom zouden Nederlanders dan wegkijken?

De conclusie van de auteurs dat we voor innovaties vooral naar het buitenland moeten kijken, komt voort uit een projectie van het innovatiemodel van de vorige eeuw op deze tijd. Philips besteedde toen 1,5 procent van de omzet aan research en dat zou dan vandaag de dag een bepaald aantal mensen in een onderzoekslaboratorium moeten betekenen.

Maar die vlieger gaat niet op. Philips heeft het volkomen juist gezien dat de manier waarop innovatie tot stand komt, is veranderd. De hekken om het laboratorium zijn verwijderd, het is de High Tech Campus geworden. Daar zitten nu honderdveertig bedrijven en instituten, waar zo’n tienduizend onderzoekers werken. Deze bedrijven, zoals Philips, NXP, IBM en Intel, bepalen strategisch welke kennis, kunde en r&d-faciliteiten zij delen om sneller, beter en klantgerichter te kunnen innoveren. Samen zijn zij verantwoordelijk voor bijna veertig procent van alle patentaanvragen in Nederland. Dat maakt Eindhoven volgens Forbes hands down de meest inventieve stad ter wereld.

Het is onzinnig om altijd maar te kijken naar innovaties uit het buitenland, want dan mis je wat er hier gebeurt. Eindhoven, voortbouwend op het Philips-fundament, is wereldleider op het gebied van fotonica. Met deze technologie werken microchips op basis van licht en kan het verwerken van data vele maler sneller gaan. Dat is een revolutionaire doorbraak, die tot zo veel verandering gaat leiden dat de Europese Unie deze technologie heeft bestempeld als een van de vijf Key Enabling Technologies, technologieën met de grootste economische potentie en het grootste belang voor maatschappelijke uitdagingen. En fotonica is nog maar één voorbeeld.

De tijd dat uitvindingen op één bepaalde plek werden gedaan, ligt sowieso achter ons. Innovatie ontstaat door bedrijven en experts met elkaar te verbinden. In zo’n keten, die over de hele wereld kan lopen, worden ideeën uitgewerkt tot concrete producten waar een markt voor is. Samen met andere bedrijven is Philips partner van de Eindhoven Startup Alliance. Met die steun helpen wij tientallen start-ups per jaar hun hightech vinding naar de markt te brengen. Ons programma Hightechxl behoort volgens UBI Global tot de beste vijf programma’s ter wereld, juist omdat wij verbonden zijn met innovatieve plekken en experts over de hele wereld.

We namen bijvoorbeeld twee jaar geleden Manus op in ons programma, een paar net afgestudeerde Eindhovenaren die robothandschoenen hadden ontworpen. Onlangs maakten ze wereldkundig dat ze samenwerken met Nasa om astronauten te trainen. Eind september presenteerde weer een nieuwe lichting start-ups haar vindingen aan het publiek, onder wie investeerders uit de hele wereld. Wij zijn blij met de overweldigende belangstelling van kapitaalschieters en bedrijven uit bijvoorbeeld Azië. En de lancering van de Amber One, ’s werelds eerste elektrische auto ontworpen voor autodelen, is de hele wereld over gegaan.

Terwijl sommigen prediken dat we vooral verwachtingsvol naar het buitenland moeten kijken, houden wij graag onze ogen op de bal. En hier wordt het spel gespeeld.

Dit artikel is eerst gepubliceerd als ingezonden brief in het Financieele Dagblad en later in de huidige versie op E52, een online medium en wekelijkse krant voor en over Eindhoven. Lees hier de reactie van Paul van Gerven.