Paul_van_Gerven_10

Paul van Gerven is redacteur van Bits&Chips

10 September 2008

Ook dit jaar turfde de Universiteit van Sjanghai weer een ranglijst met ‘s werelds beste universiteiten bij elkaar. De Universiteit Utrecht mag zich van de Chinezen met een 47e stek de beste van de Benelux noemen en zag daarin reden om dat met een persbericht onder de aandacht te brengen. Een kleine steekproef mijnerzijds wijst uit dat zoiets onder de ’echte winnaars‘ , dat wil zeggen de jongens die in de top tien eindigden, not done is. Als je de beste bent, kun je je bescheidenheid permitteren. De Utrechters hadden in ieder geval geluk: de Nederlandse media pakten het en masse op, al zal de komkommertijd daar ook wel iets mee te maken hebben gehad.

Is het terecht dat de UU zijn uitslag van de daken schreeuwt? Op het eerste gezicht is het een mooie prestatie om te eindigen als een van de eerste universiteiten die gevestigd zijn op het Europese vasteland. Slechts drie gaan haar voor, namelijk die uit Zürich, Parijs en Kopenhagen. Op de Europese ranglijst bezet zij de negende plek. Concurrenten uit de Lage Landen staan op gepaste afstand. Leiden volgt op plek 76, de rest valt buiten de top honderd.

Ik zou de UU, mijn alma mater, met alle plezier feliciteren, maar zo‘n lijstje is natuurlijk per definitie dubieus. Wat zegt de rang van een universiteit over de kwaliteit van een specifieke opleiding aldaar? Daarnaast moet er bepaald worden welke criteria worden getoetst, hoe die worden getoetst en met welk gewicht. Op de uiteindelijke keuzes valt altijd kritiek te uiten en die snijdt eigenlijk zonder uitzondering wel hout. Het is prijsschieten met hagel – altijd raak. Daarom zijn er ook meerdere lijstjes, met vaak zeer wisselende resultaten.

Ik pik er toch maar twee criteria van de Chinezen uit. Om de kwaliteit van onderwijs te meten, kozen zij voor het aantal alumni dat een Nobelprijs of het wiskundige equivalent, de Fields Medal, in de wacht heeft gesleept, gewogen naar hoe recent hij is gewonnen. Dat slaat natuurlijk nergens op. Matig onderwijs verpest een potentiële Nobelprijswinnaar heus niet. De stappen die hij onderneemt ná zijn afstuderen zullen veel meer bepalend zijn voor zijn carrière.

BCe24 save the date

Het is onmiddellijk duidelijk dat deze keuze van de Universiteit van Sjanghai de positie van Utrecht flatteert ten opzichte van haar concurrenten in de buurt. Als enige universiteit in de Benelux heeft zij twee recente Nobelprijswinnaars in haar gelederen, namelijk de theoretisch fysici Gerard ‘t Hooft en Martinus Veltman. De laatste schrijft nota bene zelf in zijn autobiografie op de Nobelwebsite dat de staat van onderwijs aan de UU tijdens zijn studie deplorabel was.

De kwaliteit van onderzoek meten de Chinezen vervolgens door enerzijds het aantal recente publicaties in Nature en Science te meten en, met gelijk gewicht, het totaal aantal geïndexeerde artikelen. Die laatste eigenschap kan ik inkomen, maar Nature en Science zijn wat mij betreft van hun voetstuk gevallen. Topwetenschap is er ongetwijfeld nog in te vinden, maar wel met een sterke neiging naar onderzoek dat maatschappelijk scoort. Onderzoekers die in stilte aan weinig populaire onderwerpen werken, hebben geen schijn van kans hun werk erin kwijt te kunnen. Zijn zij en hun werkgevers daarom uitgesloten van het predicaat topwetenschapper respectievelijk topuniversiteit?

Er valt ten slotte nog iets op. De top honderd wordt gedomineerd door de Angelsaksische landen, in het bijzonder de Verenigde Staten. Een land als Duitsland komt onevenredig weinig voor. Toch knap dat onze oosterburen een van de grootste economieën ter wereld huisvesten. Hoe ze dat voor elkaar krijgen? Niet op lijstjes letten, maar gewoon goede werknemers opleiden en doen waar ze goed in zijn. Net zoals onze TU‘s, die ook allemaal laag op Sjanghais lijstje eindigden.