Paul van Gerven
26 July 2017

Door dna-strengen op een oppervlak te bevestigen in plaats van ze los in oplossing te laten zweven, hebben onderzoekers van Microsoft en de University of Washington rekenen met de drager van erfelijke informatie een stuk sneller gemaakt. Door ze in elkaars nabijheid te brengen, vinden de juiste strengen elkaar sneller. Dat versnelt de informatiestroom: een berekening van vier uur duurde nog maar zeven minuten.

Als ondergrond gebruikten de onderzoekers een geordend bedje van dna waaruit kleine stukjes streng steken op door de onderzoekers bepaalde plaatsen. Deze dienen als ankerpunten voor de componenten van de dna-processor. Input in de vorm van een of meerdere stukjes dna zet een cascade op het ‘moleculaire breadbord’ in gang, met een unieke en uitleesbare uitkomst.

Een mogelijke toepassing van dna-processors is om berekeningen in vivo uit te voeren. Eerder dit jaar publiceerden onderzoekers van de TU Eindhoven over een dna-computer die een stukje dna afgeeft wanneer er een antilichaam wordt gedetecteerd. Een complementair systeem zou op basis van dat stukje dna kunnen besluiten dat er medicijn moet worden afgegeven.