Paul van Gerven
1 May 2018

Aan ambitie geen gebrek bij Commonwealth Fusion Systems (CFS). De spinoff van MIT beoogt in 2033 een kernfusiereactor te hebben ontwikkeld die gereed is voor commercialisatie. Dat zou decennia eerder zijn dan andere fusieprojecten. Iter, bijvoorbeeld, gaat pas rond 2035 experimenteren met het beoogde brandstofmengsel. Deze internationale reactor wordt echter alleen gebouwd om de haalbaarheid van fusie-energie aan te tonen; als energiecentrale zal hij nooit dienen.

CFS wil net als Iter een donutvormige tokamakreactor bouwen, maar ongeveer een kwart zo groot. Dat is mogelijk dankzij een nieuw type supergeleidende magneet die grotere magneetvelden uit kleinere installaties weet te persen. Deze technologie is tot nu toe alleen in het lab toegepast, de realisatie ervan op grotere schaal is een van CFS’ eerste prioriteiten.

CFS_fusiereactor
Ken Filar, MIT