Alexander Pil
2 April 2009

Océ heeft in het eerste kwartaal van 2009 een omzet geboekt van 658 miljoen euro. Dat is 6,3 procent minder dan in dezelfde periode vorig jaar. De nettowinst moest een nog grotere klap incasseren. Onder de streep hield het Venlose bedrijf 15,3 miljoen euro over, waar het vorig jaar nog 21,3 miljoen mocht bijschrijven.

Het goede nieuws is dat er wel winst is gemaakt. ’Het eerste kwartaal is bemoedigend, zeker gezien de huidige economische turbulentie‘, vindt Océ-topman Rokus van Iperen. ’We hebben de invloed van de crisis kunnen beperken door ons businessmodel, tijdig gelanceerde kostenbesparingen en balansverbeteringen. Océ heeft zijn concurrentiepositie verbeterd in belangrijke markten zoals businessdiensten, displayoplossingen, kleurenprinters en productiesystemen voor losse bladen. De omzet in kleur, die betere marges genereert, groeide naar 27 procent van de totale omzet.‘

Van Iperen verwacht een zwaar jaar tegemoet te gaan. ’Ondanks de positieve cijfers denken we dat 2009 nog uitdagender zal zijn dan 2008. Het is daarom onvermijdelijk om een extra besparingsronde door te voeren bij verdeelcentra en verkoopmaatschappijen. Alleen dan kunnen we winstgevend blijven in dit economische klimaat.‘

In het eerste kwartaal bracht Océ zijn personeelsbestand met 413 FTE‘s terug. Daarmee komt de ontslagenteller het afgelopen jaar op 1253 FTE‘s. Andere maatregelen zijn de wereldwijde salarisbeperkingen en vacaturestop, strenge controle op de kleine uitgaven en uitgestelde investering in IT, infrastructuur en apparatuur. Ook sloot het bedrijf tijdelijk een aantal productielijnen en heeft het werktijdverkorting doorgevoerd in Venlo en Poing (Duitsland). In de Beierse vestiging staan nog eens 250 banen op de tocht.