Paul_van_Gerven_04

Paul van Gerven is redacteur bij Bits&Chips

13 February 2008

De Oosterse prinses Medea, ontsproten aan de geest van toneelschrijver Euripides, was een meedogenloze tante. Uit loyaliteit jegens haar man Jason vermoordt ze haar bloedeigen broer en Jasons oom. Later jaren keert Medea‘s daadkracht zich echter tegen Jason. Wanneer hij haar inruilt voor een andere vrouw om de troon te kunnen bestijgen, vermoordt ze hun zoontjes, Jasons bruid en diens vader.

Dergelijke tragedies waren op het eerste gezicht ver te zoeken tijdens de fora van de Europese onderzoeksprogramma‘s Medea+ en Eniac in Boedapest. Zoals gebruikelijk op dergelijke bijeenkomsten was het allemaal ouwe jongens krentenbrood. STMicroelectronics en NXP zaten gezellig aan een tafel alsof Crolles nooit heeft bestaan. Sprekers herhaalden keer op keer het belang van samenwerking, synergie en complementariteit binnen de Europese IC-gemeenschap. ’Teamwork!‘, brulde Laurent Bosson van STM in zijn enthousiasme vanuit het publiek dwars door een bijdrage van keynotespreker Bill McClean heen. Die was net zijn publiek naar de mond aan het praten over de sterktes van Europa.

Toch voltrok zich wel degelijk een tragedie daar in Boedapest. Officieel waren er twee conferenties: maandag en dinsdag het Medea+ Forum en woensdag Eniac. In de praktijk zitten zo‘n beetje dezelfde mensen voor je neus. Ook het publiek verschilde amper, al had Medea+ een grotere zaal nodig. Dat komt doordat Medea+ al onderzoeksresultaten te presenteren had en Eniac nog niet. De tragedie schuilt in het feit dat Medea+ doodleuk zijn opvolger Catrene lanceerde, terwijl Eniac eveneens aankondigde projectaanvragen in behandeling te nemen.

Toegegeven, er zijn verschillen tussen de onderzoeksprogramma‘s. Inhoudelijk kijkt Eniac wat verder dan Catrene. En bij de financiering van Eniac komt de Europese Commissie (EC) om de hoek kijken, een novum. Wat mij betreft, zijn dat accentverschillen. Beide nano-elektronische programma‘s bedienen de Europese IC-industrie en beide presenteren zich als organisatie die de technologische noden van de Europese burgers gaat oplossen. Hadden Catrene en Eniac nou echt niet samen gekund?

 advertorial 

The waves of Agile

Derk-Jan de Grood has created a rich source of knowledge for Agile coaches and leaders. With practical tips to create a learning organization that delivers quality solutions with business value. Order The waves of Agile here.

Tijd was er in beginsel genoeg. Het Eniac-initiatief werd in 2004 al officieel ingezet. We zijn dus ruim drie jaar vergaderen, schrijven, schrappen, conferenties en weet ik wat verder. Ik heb gesproken met een van de auteurs van Eniacs onderliggende strategische documenten en die had er op zijn zachtst gezegd zijn buik vol van. Al die extra tijd en moeite voor een derde van de helft. Dat is namelijk wat de EC bijlegt. Bij Catrene moeten individuele lidstaten dat beetje extra ophoesten.

Ik neem de industrie niets kwalijk. Gedrild door het moordende tempo van generaal Moore weet die normaalgesproken wel van opschieten. Ik kan ook alle begrip opbrengen voor het feit dat ze voorlopig nog hun ’eigen‘ Medea+ doorzetten totdat Eniac eens van de grond is gekomen én duidelijk is of het daarna wel wil opschieten. De schuld ligt overduidelijk bij de Europese autoriteiten die traag als dikke stroop zijn. Gênant, als je je de Lissabon-doelstellingen, alweer bijna acht jaar oud, voor de geest haalt. Europa het meest innovatieve werelddeel? Dat duurt op deze manier nog wel even.

Hoewel ik dus begrip heb voor het bestaan van Catrene, ligt er een gevaar op loer: verwatering van de subsidieprogramma‘s. Vorig Medea+-forum zei Frans van Houten het al. ’Onze harten zitten op de juiste plek, maar we moeten onze belangen beter op elkaar afstemmen om onze bronnen minder te fragmenteren.‘ De CEO heeft zijn strategische agenda gekregen, maar deze slakkengang had hij ongetwijfeld niet voor ogen.