Alexander Pil
4 July 2016

De voetbalrobots van de TU Eindhoven hebben op de WK Robocup hun derde wereldtitel in de wacht gesleept. In hun negende WK-finale op rij wist Tech United het team van de universiteit van Beijing, Water, pas te verslaan bij de penalty’s. Ook de zorgrobot van de TUE haalde een uitstekende resultaat met de tweede plaats in de @Home-league.

De voetbalwedstrijd tegen Water, van de Beijing Information Science and Technology University, was bijzonder spannend. Na de eerste helft stond de TUE met 2-1 voor en het spel speelde zich grotendeels af voor de goal van de Chinezen. Maar uit een counter vijf minuten voor het einde van de tweede helft wisten de robots van team Water de gelijkmaker te scoren.

In de verlenging ging al snel een Chinese robot met een rode kaart van het veld, maar daar wisten de Eindhovense robots niet van te profiteren. Het werd zelfs 2-3. Gelukkig scoorde het Eindhovense team binnen een halve minuut de gelijkmaker. In de laatste minuut van de verlenging leek het mis te gaan, toen de Chinezen nogmaals het doel troffen, maar de goal werd afgekeurd. Dus moesten de robots uiteindelijk penalty’s nemen.

De Chinezen namen de eerste vijf penalty’s, maar die wist de Eindhovense keeper allemaal te stoppen. De Eindhovense voetbalrobots hadden daarna maar één goal nodig voor de wereldtitel. Meteen bij de eerste penalty was het raak en kon het Eindhovense team de polonaise inzetten.

De @Home-league is een competitie van robots die als hulpje-in-huis functioneren. Daarin legde het zorgrobotteam van de TU Eindhoven beslag op de tweede plaats. Een bijzonder mooi resultaat, maar voor teamleider Janno Lunenburg toch wat teleurstellend. ‘We liepen dit jaar in de voorrondes wat achter op de grote concurrenten, maar we waren in de finale de beste. Helaas was dat niet genoeg om de puntenachterstand in te lopen en de eerste plaats te pakken’, vertelt de teamleider. Zijn zorgrobots, Amigo en Sergio, pakten vooral punten in de restaurant-challenge, en op het onderdeel persoonsherkenning. Bij de objectherkenning en –manipulatie lieten ze echter punten liggen. Lunenburg: ‘Jammer, want bij het testen ging het stukken beter.’