Pieter Edelman
13 April 2017

De Rotterdamse spin-off Tryst Energy wil een van de grote beperkingen van professionele iot-toepassingen aanpakken: de noodzaak van een batterij die elke paar jaar moet worden vervangen. Hun kleine lichtcelletje vangt zelfs in de schaduw voldoende energie om een permanente voeding te garanderen. Moederbedrijf Tweetonig vroeg de starter Nick Kiran om de spin-off op poten te zetten.

Het stond bekend als ‘Project Elephant’ bij het Rotterdamse ingenieursbureau Tweetonig, naar de spreekwoordelijke elephant in the room bij veel iot-projecten: de stroomvoorziening. Er zijn allerhande interessante toepassingen te verzinnen met draadloze sensoren die in de praktijk niet mogelijk blijken omdat ze niet uitkomen met de stroomvoorziening. Batterijen vervangen bij honderden sensoren in het veld is soms gewoon niet te doen. En energie uit de omgeving oogsten staat nog in de kinderschoenen en kan te prijzig zijn of ongeschikt voor de beoogde toepassing.

Tryst Energy, de spin-off die het project opleverde, denkt voor althans een deel van die toepassingen de oplossing te hebben: een module ter grootte van een postzegel, die met een paar uur matig licht per dag genoeg stroom levert om draadloze sensornodes te voeden. Het licht dat onder een bureau doordringt, is al voldoende om een constante stroomvoorziening te garanderen.

Om de spin-off commercieel handen en voeten te geven, vroeg Tweetonig de 24 jaar oude Nick Kiran. Een opvallende keus, vindt hij zelf, want hij is geen techneut, begint hij gelijk te vertellen: ‘Van origine ben ik communicatiewetenschapper, en als ik wat chargeer, dan weet de gemiddelde communicatieprofessional niet wat het internet of things inhoudt of wat een condensator is. Maar daar heb ik vanuit persoonlijke interesse wel affiniteit mee. Ik start nu ook nog een master artificial intelligence and cognitive science aan de Universiteit Tilburg.’

Tweetonig was ermee aan de slag gegaan omdat het veel iot-achtige oplossingen ontwikkelt voor bedrijven en zelf tegen de problemen met de stroomvoorziening aanliep. ‘Ze hadden bijvoorbeeld een project met een asset tracker. Er was een prototype gemaakt en het was in principe helemaal ontwikkeld. Bij de klant vonden ze het ook een goede businesscase om in te investeren want als ze iets kwijtraken, kost dat heel veel geld. Maar het is toch de nek omgedraaid want de batterij zou elke twee tot drie jaar vervangen moeten worden bij honderdduizend systemen’, vertelt Kiran.

 advertorial 

The waves of Agile

Derk-Jan de Grood created a rich source of knowledge for Agile coaches and leaders. With practical tips to create a learning organization that delivers quality solutions with business value. Order The waves of Agile here.

Tryst Nick Kiran
Foto: Lorenzo van Galen

Een potentiële oplossing diende zich pakweg een jaar geleden aan toen een Taiwanese partij een klein ‘zonne’-celletje op de markt bracht dat zeer efficiënt werkt. Gekoppeld aan een eigen circuit voor stroombeheer en energieopslag zou dat de batterij moeten kunnen vervangen. Zonder dat er op dat moment direct een toepassing voor was, is Tweetonig gaan kijken of dat te realiseren viel.

Het resultaat na een jaar ontwikkelen is een kleine module van een paar centimeter in het vierkant en nog geen centimeter dik. De stroom van het paneeltje wordt niet opgeslagen in een batterij maar in een supercondensator, die snel kan opladen en ook snel zijn stroom weer kan afgeven. Al met al oogst het systeem voldoende energie voor het voeden van een microcontrollertje, een paar sensoren en een netwerkverbinding zoals Bluetooth Low Energy of Lora.

Business-to-geek

Vijf maanden geleden vroeg Tweetonig-oprichter John Tillema Kiran om de module via een spin-off op de markt te brengen. De twee waren met elkaar in contact gekomen via de ‘De wereld van morgen’-podcast, waarin Kiran samen met een vriend onderwerpen rond technologie en innovatie aansnijdt. Toen de ontwikkeling van de powermodule veelbelovende resultaten opleverde, zocht Tillema iemand die de kar kon trekken. ‘Tweetonig heeft geregeld ideeën voor startups, maar killt ze meestal. Maar op het moment dat ze dat niet doen, wordt het echt hun kindje en zoeken ze iemand om die startup samen met hen op te pakken’, legt Kiran uit.

Hij pakte het aanbod met beide handen aan. Het takenpakket bleek zeer divers. ‘Het begint zo’n beetje bij een logo en eindigt ermee dat het op de juiste plekken onder de aandacht wordt gebracht’, vertelt Kiran. Hij moest zich uiteraard ook wel even verdiepen in de materie. ‘Ik heb heel veel gastcolleges gehad van de mensen hier. Dat was wel heel leuk want dan zeggen ze: ‘Duidelijk toch?’ en dan knik je ja, maar dan zit je vervolgens de hele avond op Wikipedia om het echt te snappen.’

Een van de eerste dingen die moesten gebeuren, was het bedenken van een naam voor de startup. ‘Tryst is een beetje een middeleeuwse, Keltische term. Als je een relatie hebt en je wil met iemand anders afspreken om – laat ik het netjes zeggen – liefdevol met elkaar te zijn, dan noem je de plek van die daad de tryst. En ons product heeft ook wel iets van liefde in zich: het verdwijnen van de batterij en het komen van een andere techniek waar je verliefd op kunt worden. Maar het klonk ook gewoon goed, en uiteindelijk is het ook een kwestie van of het landt, seo en of de naam beschikbaar is.’

Daarna kwam de hamvraag: hoe het product op de markt te zetten? De module is in eerste instantie bedoeld voor professioneel gebruik want degenen die er echt baat bij kunnen hebben, zijn bedrijven met grote aantallen sensoren. Bovendien is die markt ook qua prijsstelling logisch; het zonnepaneeltje zelf kost momenteel rond de vijf euro, dus concurreren met een AA-batterijtje zit er niet in. Maar wel met de grotere professionele batterijen, die tussen de tien en twintig euro kosten.

Toch vond Kiran dat niet de meest geschikte plek om te beginnen. ‘We kwamen tot de conclusie dat we business-to-geek moeten zijn. Als het onder die mensen een soort lopend vuurtje wordt, komen we vanzelf op de juiste plek binnen de grote organisaties’, legt hij uit.

Van daar ontstond het idee voor een Kickstarter-project met kant-en-klare ontwikkelkastjes: een platform met microcontroller, sensoren en BLE- of Lora-radio waarmee techneuten snel eigen toepassingen kunnen prototypen. Begin maart ging de campagne live. Met, het moet gezegd worden, een wat teleurstellende respons: op het moment van schrijven is pas een derde van het doel – dertigduizend euro – bijeengebracht, en het is maar de vraag of het gehaald gaat worden.

Kiran ligt er niet wakker van. Het Kickstarter-kastje is immers maar een ‘envelop’ voor de powermodule: ‘Het is niet onze bedoeling om die kastjes over twee jaar nog te verkopen. We dachten echt wel dat die campagne sneller zou gaan, maar misschien willen mensen toch liever die losse module hebben. Dat is niet erg; ik geloof heel erg in growth hacking, continu aanpassen van het proces. Op het moment dat iets niet aanslaat, moet je het veranderen.’

De startup heeft bovendien al enkele klanten. Een lokaal bedrijfje bijvoorbeeld dat een slimme portemonnee maakt die je weer terug kunt vinden als je hem kwijt bent. ‘We zijn ook in gesprek met een man die al vijfentwintig jaar bezig is om een betere bureaustoel uit te brengen. Die heeft een tracker laten maken die meet of je goed zit; alleen zit daar nu nog een usb-kabel in die naar een laptop moet’, illustreert Kiran.

De meest interessante toepassing is waarschijnlijk toch het beschermen van neushoorns binnen het Internet of Life-programma – waar overigens nog een aantal andere Nederlandse bedrijven bij betrokken zijn. Een gigantisch omheind reservaat in Tanzania wordt ‘smart’ gemaakt om het laatste twintigtal neushoorns daar te beschermen. Er wordt onder meer een Lora-netwerk aangelegd gevoed door zonne-energie. ‘De neushoorns worden verdoofd en dan wordt er een gat in hun hoorn geboord om een gps-tracker te plaatsen’, vertelt Kiran. ‘Maar dat moet elke twee jaar opnieuw, want zo’n hoorn groeit net als ons haar. En verdoven is niet zonder risico. Met deze module kun je hem veel kleiner maken en hoef je nooit batterijen te vervangen, dus daarmee zou je hem als een sticker op de rug kunnen plakken. Ook zie je nu triangulatie door middel van Lora opkomen; dan kun je ook nog eens de gps-tracker weglaten.’

Tryst Environment Edition
Via een demonstratiekitje wil Tryst onder techneuten reuring genereren voor zijn lichtpaneeltje

Theezakjes vermarkten

Naast de marktpropositie opstellen bestaat Kirans werk vooral heel veel uit vertellen over de technologie. Tegen de media, maar ook tegen zo veel mogelijk andere partijen – zelfs als ze niet direct tot de klantenkring behoren. Zo zijn ze net terug van een SXSW in Austin. ‘Maar we zijn een paar maanden geleden ook gevraagd om mee te doen aan de Roadmap Next Economy, een innovatieprogramma van de metropoolregio Rotterdam-Den Haag. Toen stonden we ineens te presenteren voor de voorzitter van de Energy Union bij de Europese Commissie. En als ‘student’ kwam ik ook in aanmerking voor de Global Student Entrepreneurship Award, dus daar heb ik gewoon aan meegedaan.’

Voor de nabije toekomst ziet Kiran zich – naast het afronden van zijn master – hetzelfde blijven doen. ‘Ik heb ook wel andere aanbiedingen gekregen, maar die trekken me totaal niet. Ik zou productmanager kunnen worden bij een levensmiddelenbedrijf. Dan mag ik theezakjes gaan vermarkten, zeg ik maar. Of voor een slimme thermostaat bij een energieleverancier. Kan ik hetzelfde doen als hier en krijg ik er een mooie Audi bij.’

‘Maar ik wil echt hiermee doorgaan; ik vind het heel aantrekkelijk om op het snijvlak te zitten van wat er nu wordt ontwikkeld en wat er op de markt komt. En die startupcultuur is heel interessant. Ik vind het ook wel heel mooi dat ik deze kans heb gekregen als jonge, pas afgestudeerde vent. Tweetonig had ook een of andere marketingfirma in de arm kunnen nemen die het voor wat meer doet maar wel wat meer zekerheid biedt. Maar ze hebben toch gezegd: ik geloof in een jong talent.’